Scouting Hertog Jan van Brabant

Vrijwilligers aan het woord
Op bezoek bij Scouting Hertog Jan van Brabant
Scouting ontstaat begin twintigste eeuw in Engeland en krijgt in Nederland vanaf 1921 vorm in groepen met bijvoorbeeld een Katholieke of Protestantse basis. In de jaren zestig verdwijnt die verzuiling en komen deze verschillende groepen samen. De godsdiensten verdwijnen naar de achtergrond. De organisatie ontwikkelt zich en landelijk zijn anno 2026 inmiddels 115.000 leden actief. Sinds de jaren 2000 wordt gewerkt met een leerlijn per leeftijdsgroep. “Deze groep in Veldhoven bestaat sinds 1959 en telt nu ongeveer 100 kinderen. De activiteiten worden begeleid door vrijwilligers, die het programma samenstellen, weekenden en kampen organiseren en contact houden met ouders. Dat gebeurt allemaal naast studie of werk,” zegt Luuk.

Zaterdagritme
Elke zaterdag begint met een moment van samenkomen. De groepen verzamelen zich op het terrein en vormen een carré (vierkante opstelling), waarna het langzaam stil wordt. Twee kinderen lopen naar voren om de vlag te hijsen, terwijl de rest eromheen staat. “Het hoort erbij,” zegt Meike. “Zo beginnen we samen.” Tijdens de opening wordt de scoutingwet uitgesproken en brengen de kinderen de groet,
bij de jongste groepen met twee vingers en bij de oudere met drie of vier. Daarna komt het terrein weer in beweging. De ene keer staat er een spel op het programma, de andere keer een tocht of een activiteit waarbij kinderen iets leren, zoals EHBO, planten herkennen of samenwerken. De jongste groepen draaien in de ochtend, de
oudere in de middag, ieder met een eigen programma dat past bij de leeftijd. Aan het einde van de dag komt iedereen weer bij elkaar. De vlag gaat naar beneden en er wordt kort teruggekeken op wat er is gedaan. “Even afsluiten,” zegt Luuk. “Dat is belangrijk.” Daarna gaan de kinderen naar huis, vaak nog druk napratend over de ochtend of middag. De leiding blijft nog even om te evalueren en vooruit te kijken.

‘ Je leert hier dingen waar je de rest van je leven wat aan hebt’
Gebruiken en tradities
Binnen scouting worden woorden gebruikt die je daarbuiten minder snel hoort. De jongste kinderen zijn Bevers (jongens en meisjes van 5 tot 7 jaar), daarna volgen de
Kabouters (meisjes van 7 tot 11 jaar) en Welpen (jongens van 7 tot 11 jaar). Jongens en meiden van 11 tot 15 jaar zitten bij de Scouts en bij de Shero’s zitten jongeren
tussen de 15 en 18 jaar. In de oudere groepen werken kinderen in patrouilles: kleine teams met een eigen leider, die samen aan de slag gaan of een tocht maken. Iedere leeftijdsgroep heeft een eigen kleur uniform. Die zijn voorzien van verschillende badges, ook wel insignes genoemd. Op de rechtermouw komen de vaste insignes die laten zien wie je bent en waar je bij hoort. Op de linkermouw worden de verdiende insignes gezet, ook wel vaardigheidsinsignes genoemd (bijv. koken, knopen, EHBO). Ook herinneringsbadges van kampen of evenementen komen vaak op deze mouw. Naast de landelijke gebruiken en de vele badges, zijn er in Veldhoven ook eigen tradities die steeds terugkomen, zoals de frituurdag, waarop kinderen zelf iets mogen meenemen om te frituren. “Van alles komt voorbij,” zegt Eline lachend. “Zolang het maar niet ontploft.” Juist dit soort momenten zorgen voor herkenning en zijn elk jaar weer iets om naar uit te kijken. Een ander fenomeen dat binnen scouting Hertog Jan van Brabant heel bekend is, is ‘Hoopje’. Als dat woord klinkt, duiken de kinderen op
elkaar, wat zorgt voor grote hilariteit en een heleboel gezelligheid.
Samen sterk
En gezellig is het, bij de scouting. Maar kinderen leren ook veel. Dat zien de vrijwilligers van dichtbij gebeuren. Bij de jongste groepen draait het om spelen en elkaar helpen. “Eerst word je geholpen,” zegt Meike, “en daarna help je zelf.” In de oudere groepen komt daar meer verantwoordelijkheid bij. Kinderen denken mee over activiteiten en leren die ook zelf te organiseren, waardoor ze steeds zelfstandiger worden. “Je ziet dat ze veranderen“, zegt Eline. “Ze durven meer en nemen initiatief.” Dat gaat niet altijd vanzelf. Soms is het koud, nat of gewoon even niet leuk, maar toch blijven de meeste kinderen komen. “Ze willen hier zijn,” zegt Luuk, “omdat hun vrienden hier zijn en omdat ze het samen doen.” Precies dat maakt het voor de vrijwilligers de moeite waard.

Momenten
Door het jaar heen zijn er verschillende activiteiten, met de weekenden en zomerkampen als belangrijke momenten. Tijdens een kamp zijn kinderen meerdere dagen bij elkaar, slapen ze in tenten, koken ze zelf en zijn ze veel buiten. Voor de vrijwilligers zijn dit intensieve dagen, waarin alles samenkomt. Sommige groepen gaan naar internationale kampen, waar ze scouts uit andere landen ontmoeten. “Dan merk je hoe groot het is,” zegt Meike. “Je hoort verschillende talen en iedereen draagt hetzelfde uniform.” Contacten die daar ontstaan, blijven soms nog lang bestaan. “Voor mij is mijn bezoek aan het internationale kamp in Schotland echt de allermooiste herinnering. Dit jaar mag ik er weer heen, dit keer als leider. Ik kijk er ontzettend naar uit.”

Achter de schermen
Wat op zaterdag zichtbaar is, begint eerder in de week. De leiding bereidt programma’s voor en zorgt dat er materialen zijn. Ook worden de taken verdeeld, zodat alles soepel kan verlopen. Na afloop wordt er geëvalueerd: wat ging goed en waar moet volgende week extra aandacht voor zijn? In de weken voor een kamp of weekend is het drukker, omdat er meer geregeld moet worden en er vaker overleg is. “Daar zit best wat werk in,” zegt Luuk. “Oudere jeugd wordt daarbij betrokken en organiseert zelf onderdelen van het programma, zodat ze leren hoe dat werkt.”
Vrijwillig
De leiding doet dit werk vrijwillig, sterker nog, leiders betalen zelf gewoon contributie. “Je doet het dus zéker niet voor het geld,” grapt Luuk. “Wat ze ervoor terugkrijgen, zit in de reacties van kinderen en ouders en in het samenwerken met elkaar.” “En in de gezelligheid,” zegt Eline, “dat je samen iets neerzet en dat kinderen het naar hun zin hebben.” Meike vult aan: “Je leert er veel van. Ik ben in het dagelijks leven kleuterjuf en toen ik aan de opleiding begon had ik al heel wat vaardigheden op zak met dank aan de scouting. Ik kon prima een groep begeleiden of een activiteit organiseren.”
‘Als je het eenmaal kent, snap je waarom mensen blijven’
Blijven hangen
Veel vrijwilligers beginnen hier als kind, waardoor de stap naar leiding kleiner wordt. “Je kent de groep en weet hoe het werkt,” zegt Luuk. Eline begon later, maar herkent
dat gevoel. “Als je het eenmaal kent, snap je waarom mensen blijven. Sommigen wonen inmiddels ergens anders, maar komen in het weekend nog steeds terug voor
scouting, dat zegt genoeg.” Scouting wordt vaak geassocieerd met knopen leggen en kampvuur maken, en dat gebeurt ook. Maar het is zoveel meer dan dat. “Het gaat om samen dingen doen,” zegt Meike, “Je leert allerlei handige vaardigheden, maar ook met veel verschillende mensen samenwerken. Voor wie twijfelt om vrijwilliger te worden, heeft Eline een duidelijk advies.: “Je moet het willen, want het kost tijd. Maar je doet het samen en het is echt superleuk. Ik zou dit niet willen missen.” Luuk knikt instemmend en Meike besluit: “Je maakt hier vrienden voor het leven en leer dingen waar je de rest van je leven wat aan hebt. Wie wil dat nou niet?”
Kijkje bij de Scouting
Ben je benieuwd hoe het er in het echt aan toe gaat? Kom dan op 27 juni naar de exclusieve open middag voor Zuid&Zo-leden bij Scouting Hertog Jan van Brabant. Struin over het scoutingterrein, rooster een marshmallow bij het kampvuur en hoor van een van de scouts zelf waarom deze plek zo bijzonder is. Meld je vooraf wel even aan, er kan een maximaal aantal leden aanwezig zijn op deze middag.
Wanneer: zaterdag 27 juni 2026 van 13.00 tot 15.00 uur.
Waar: Boswegje 25, Veldhoven
Toegang: aanmelden via zuidenzo.nl/scouting

Foto’s: Tom van Limpt
Interview: Leven in Letters, Pleun Kicken – van der Aa



